NIEUWS- EN ADVERTENTIEBLAD ARÜ EN WeaSSBAdBSt boes EEN BLIK INDE TOEKOMST. No. 38. 1890. Negen en Twintigste Jaargang. BONDEED AG 18 SEPTEMBER. BUITENLAND. BINNENLAND. VOOR Ifw ABONNEMENTSPRIJS 80 Cents per 3 maanden. Franco per post 95 Cents, ADVERTENTIEPRIJS50 Cts. van 1—7 regels. Ver volgens 10 Ct. per regel. Overigens naar plaatsruimte. JjL Op de eerste bovenkamer van perceel 47 in de Oostenburgervoorstraat te Amsterdam had Za terdag omstreeks 12 uur een treurig ongeval plaats, dat hoogstwaarschijnlijk een menschenleven zal kosten. De 60-jarige bewoonster, mejuffrouw Nielbrugge, had, bij het verrichten harer dagelijksche bezig heden, het ongeluk een brandend petroleumtoestel om te werpen, waarvan het ongelukkig gevolg was dat de vlammen zich aan de onderkleederen medodeelen. De bejaarde stond in een ommezien geheel in vuur en kermde zoo wanhopig, dat de bewoners der aangrenzende kamers toesnelden. In hun vertwijfeling begonnen zij aan de bran dende kleeren te trekken en te scheuren, mee- nende dat dit het gewenschte gevolg zou hebben. De uitslag was evenwel juist omgekeerd. Toen de bovenkleeren verwijderd waren en de lucht vrij door de onderkleederen kon heenspelen, werd de vlam nog heviger. Gelukkig werd het ongeval opgemerkt door de arbeiders Breidebach en Hollander, die zonder zich een oogenblik te bedenken, naar boven storm den, een deken van het nachtleger afrukten en de ongelukkige vrouw daarmede omsloten, zoodat het vuur bijna oogenblikkelijk gebluscht was. Intusschen kwam de brandweer te hulp. De brandmeester ontdeed omzichtig het verwonde lichaam van de kleederen en legde verbanden van lijnolie en kalkwater. Het geheele lichaam van de oude vrouw, behalve de borst en het gelaat, was als het ware een groote brandwond. Uiterst voorzichtig legde men de ongelukkige in een brancard en vervoerde haar naar het Gasthuis. In een tramwagen in den Haag werd gis terenochtend een kindje van 2 a 3 jaren ge vonden. Men wist niet hoe het kind er in gekomen was, of ’t was achtergelaten dan wel zelf in den wa gen geklommen. De verlatene werd overgegeven aan de politie, ter opsporing van de ouders. Appelscha. Er zijn hier reeds arbeiders gezinnen, welke de aardappelen, die zij dit jaar hebben verbouwd, gerooid en opgegeten hebben. Voor zulke menschen staat het er niet best voor. De verdiensten waren, mede tengevolge van de werkstaking, veel kleiner dan anders en van oversparen tot den winter was bij de meesten zelfs geen sprake. Zoolang een arbeidersgezin nog aardappelen heeft, heeft het voedsel al moeten deze dan ook met wat raapolie of soms met een weinig zout genuttigd worden. Maar hoe komt het wanneer dit hoofdvoedsel ontbreekt Gebrek en ellende staan voor de deur. Bui tendien laten bij velen kwaliteit en kwantiteit der aardappelen zeer veel te wenschen over, zoodat men er niet alleen slecht door gevoed zal worden, maar ook zal de voorraad niet lang kun nen strekken. Men ziet hier dus geen besten winter tegemoet. "Wordt er niet vanwege het reservefonds op ruime schaal werk verschaft, dan kunnen er wel eens treurige toestanden geboren worden. In den vorigen winter voorzag dit fonds niet in de behoeften der armen, omdat in den winter van 1888/89 het werk in de bosschen door een 50 tal arbeiders was gestaakt. Deze straf was mis schien niet geheel onverdiend, maar het is treurig dat zoovele onschuldigen het mede moeten bezu ren. Te hopen is het derhalve, dat door het gemeentebestuur tijdig maatregelen zullen worden genomen, om in het barre jaargetijde door werk verschaffing de menschen voor broodsgebrek te bewaren. Reeds terstond is de Regeering gewaar schuwd tegen de toepassing der methode, welke bij de jongste volkstelling is gevolgd. Wat men gevreesd had is door de uitkomst bevestigd. Het kaartensysteem is gebleken zoo ondoelmatig te zijn, dat er veel meer dan anderhalf jaar zal moe ten worden gewerkt om het eindresultaat te ver krijgen. Van sommige gemeenten lieten de op gaven zooveel te wenschen over, dat zelfs de kaarten teruggezonden werdenmen sprak zelfs van eene nieuwe volkstelling te Amsterdam. Daartoe schijnt het niet te zullen komen, maar die terugzending getuigt toch, dat er heelwat te verbeteren valt; terwijl wat omtrent Leiden be kend is geworden, waar een verschil van een paar duizend zielen ontdekt is, ook wel in andere gemeenten zal voorkomen. Het instellen van treinen voor arbeiders werd door de Standa ird, ook als middel tegen overbe volking van groote steden, aangeprezen. Het U. D. zeide dat zij reeds bestonden, waarop de Standaard antwoordde, dat dit te weinig bekend is. Thans heeft zich het Centrum in de zaak ge mengd en voert tegen de arbeiderstreinen van de Ned. Centraal-Spoorwegmaatschappij de volgende niet ongegronde grieven aan. „Uit de abonnementsbepalingen voor werklie den blijkt duidelijk, dat men het „voorrecht” om goedkoop te reizen wel wil toekennen, maar dan ook heel erg mondjesmaat, en dat men uiterst voorzichtig en terughoudend is. De abonnements- bewijzen gelden telkens voor 6 werkdagen, moeten telkens minstens 24 uur te voren aan den stati onschef worden aangevraagd, welke aanvragen telkens moeten vergezeld gaan van een „certifi caat van den patroon of werkgever des aanvra gers”, waaruit ten genoege der Maatschappij blijkt, dat hij Werkman is. De abonnementsprijs moet telkens in eens vooruitbetaald worden. Verder mag de houder van een abonnements kaart van geen anderen trein gebruik maken dan die op de kaart is aangewezen en is verplicht deze na afloop ook telkens weder terug te geven, ofschoon elders reeds het gebruikmaken daarvan na expiratie van den termijn als „fraude” wordt aangemerkt. De Holl. Spoorwegmaatschappij eischt bovendien bij haar werklieden-abonnementen, „dat er min stens 20 deelnemers samen reizen Men zal toegeven, dat deze en andere bepalin gen een gemakkelijk een ongedwongen verkeer van op het platteland wonenden met de groote industrieele centra nog maar weinig bevorderen.” Voor zijn pleizier zal wel niemand of zullen hoogstens zeer enkelen van die arbeiderstreinen gebruikmaken. Er zouden dus wel zeven achtsten van de formaliteiten kunnen worden gemist, zon der dat de Maatschappij er noemenswaardige schade door leed. Nu wordt er zóóveel gevor derd, dat men schier geneigd zou zijn te vragen waarom ook geen bewijs van inenting Iemand te Nieuwer-Amstel heeft zich toege legd op eene eigenaardige wijze van postwissel- vervalsching. Hij schreef met anilineinkt een wissel van twee gulden en veranderde dit bedrag in twaalf gulden. Op dergelijke wijze bedreef hij honderden ver- valschingen. Niet alleen het hoofdkantoor was de dupe van dit bedrijf, maar ook alle bijkanto ren, hoewel in mindere mate. De stempels tot een bedrag van f 12.50 zijn voor alle kantoren gelijk. Als men nagaat hoe gemakkelijk deze verval- sching te plegen is, door twee in twaalf en 2 in 12 te veranderen, zou men, oppervlakkig oordee- lende, zich bijna verwonderen, dat ze niet eer en meer in praetjjk is gebracht. Alleen de zeker heid, dat hij die den wissel ontvangt een bekend persoon is en een bekend adres, heeft, zal wel een beletsel tegen de toepassing zijn. In de buitengronden bij Terschelling strandde Donderdag het Engelsche stoomjacht Firefly, kapt. Oastle, komende van Helgoland en op reis naar Amsterdam. De loodsafhaler, schipper Bruin, gaf door seinen te verstaan, dat men gevaar liep, doch zulks bleef onopgemerkt. De sleepboot van de bergingsmaatschappij kwam het eerst bij het gestrandde vaartuig en had het genoegen het af te brengen voor f 1200. De Friesland en de Adsistent kwamen toen terug, terwijl de dames, die zich aan boord van het jacht bevonden, op den afhaler overgingen, welke in de nabijheid bleef. Het vaartuig, dat oogenschijnlijk weinig geleden heeft, werd daarop naar binnen gesleept. Is werkelijk eene zuivere statistiek van de bevolking een nationaal belang, dan verdient het overweging of eene hertelling niet wenschelijk ware, maar dan volgens het oude beproefde sys teem. Een onzer lezers schrijft ons Het ontwerp voor een nieuwe postwet is, ge loof ik door alle Nederlanders wel met genoegen ontvangen, voor zoover ten minste de Nederlan ders wetsontwerpen lezen. Vergun me echter één opmerking. Tegenwoordig betaalt men een stuiver port voor brieven wegende van één tot 15 gram, terwijl met een port van tien centen belast wor den brieven van 15 tot 100 gram. Ik vind in een dergelijke opklimming iets onbillijks, wijl het eigenlijk geen opklimming is. Het verschil tus- schen 1 tot 15 en 15 tot 100 gram is daarvoor te groot. Nu is het een feit dat een gewone brief van 80 of 90 gram tot de zeldzaamheden behoort daarentegen is dit niet het geval met brieven van 16, 17 of 20 gram, die volgens het thans gel dende tarief alzoo met 5 cent meer belast wor den wijl zi] met een kleinigheid het gewone maximum overschrijden. Ik acht het een vaststaand feit, dat de post ten bate van het publiek is ingerichten als ik dan zie, dat posterijen jaarlijks een bate van ongeveer één millioen gulden in de schatkist brengen, dan is het, geloof ik, geen onbillijke eisch te vragen, dat de post nog iets beter hare roeping vervulle. Dit zal zij doen, wanneer het maximum voor het stui versport verhoogd worde. In plaats van op 15 stelle men dit op 25 gram. Misschien verliest de post iets daarop. Doch het publiek zal er door gebaat worden. De kans, dat een brief, dien men dacht nog voor een stuiver te kunnen verzenden, belast wordt met een hooger port ten koste van den geadresseerde, zal er zeer door verminderen en de dames (die vooral uitmunten in zes- of achtzijdige epistels) zullen er dankbaar voor zijn, dat zij er minder te gebruiken, en niet haar toevlucht moeten nem«n tot kruiselings geschreven brieven. Administratieve bezwaren bestaan er niet tegen deze wijziging van het maximumgewicht voor stuiversport, en dus roep ik de tusschenkomst van uw blad in om dit denkbeeld onder de oogen van de leden der Tweede Kamer te brengen. Een amendement in dien zin zal wel geen groote be zwaren bij den Minister van Waterstaat ontmoeten. Arnh. Ct. De Avondpost maakt melding van eene om standigheid, die eenigszins het karakter van open baarheid aan de sluitingszitting der Staten-Gene- raal ontnam. Toen de deur van de tribune voor het publiek zou worden geopend, bleek het dat de sleutel der binnendeur defect was. Alle pogingen om haar te openen bleven vruchteloos. Men wilde haar forceeren, maar ook dit gelukte niet en terwijl de heer de Savornin Lohman zijne rede uitsprak, dreunden er onophoudelijk forsche hamerslagen. Het talrijk publiek, dat toegang verlangde, verwijderde zich ten laatste, toen het de mededeeling ontving, dat de zitting was af- geloopen. De jager Peters van jhr. Hooft van Geren- stein, die Vrijdag jl. te Woudenberg op de jacht door eenige hagelkorrels aan het hoofd getroffen werd, waarvan er een in het oog drong en daardoor onmiddelijk naar het gasthuis voor ooglijders te Utrecht werd vervoerd, zal het getroffen oog moeten missen. Zaterdagnacht omstreeks 12 uur brak te Wormer een hevige brand uit in het pakhuis ge vuld met oude lompen en hars, behoorende bij de fabriek de Eendracht toebehoorende aan de firma van Gelder te Amsterdam. Het pakhuis is tot den grond afgebrand. De overige perceelen, zooals fabrieken en arbeiderswoningen bleven door de ijverige hulp der brandweer van Wormer en Wormerveer gespaard. Alles was verzekerd. Zondagmorgen heeft te Hilversum een ver metele aanranding plaats gehad. Twee dames, moeder en dochter, die aldaar op eene villa ge logeerd zijn, wandelden omstreeks half twaalf in het Susannapark, toen eensklaps een kerel de jongste der dames aangreep. Op haar hulpgeroep vooral toen zij om haar broers riep, liet hij los en zette het op een loopen. Een uurtje later dwaalde dezelfde man rond in de buurt der villa, waarop de jonge dame hem bespeurende, de hulp van een 4tal wandelaars inriep, die dadelijk bereid werden gevonden jacht op den dader te maken. Ofschoon men hem tot een eind op den Bussem- merweg nazette, gelukte het hun niet hem in te halenhij ontsnapte in de richting van Bussum. Naar opgave der dame, scheen het een werkman op zijn Zondags te zijn, in ’t blauw gekleed, met fantasie-hoed, rood haar en roode bakkebaarden. De zaak is in handen der politie gesteld. Een handelsreiziger uit Rotterdam ontstak ’s avonds op „zekere plaats” een lucifer teneinde een onderzoek in te stellen naar de zindelijkheid der gelegenheid. Plotseling echter had er eene ontploffing plaats, tengevolge waarvan de bewuste persoon brandwonden bekwam aan hand en hals en zijne wenkbrauwen en haar verschroeid werden. Door de politie te Rotterdam is aangehou den een weesjongen, die heimelijk de weesinrich- ting te Neerbosch had verlaten. De knaap was op reis gegaan zonder in het bezit te zijn van eenig geld. X hXXXXXXXXX$ De Duitsche Keizer heeft op een feestmaal te Breslau een toespraak gehouden, waarin hij o. a. zeide „Ik hoop, dat het goede voorbeeld der provincie Silezië, wat betreft de verwezelijking van mijne plannen tot verbetering van het lot der werklieden zonder onderscheid van partij of gezindte, door alle provinciën zal worden gevolgd. Ik hoop, dat de burgers eindelijk wakker zullen worden en het niet alleen aan den Staat en diens organen zullen overlaten, de revolutionaire elemen ten te bestrijden, maar dat zij daartoe ook zelven krachtig zullen medewerken. Als dit geschiedt, ben ik overtuigd, dat het zal gelukken in het geheele land den eerbied voor de kerk, de wet en de kroon te herstellen.” Uit Weenen wordt gemeld De berichten in Engelsche bladen betrekkeljjk de vernieuwing van het Drievoudig Verbond, zijn blijkens inlichtingen uit goede bron minstens voorbarig. Hier is men overtuigd, dat het ver bond hernieuwd zal worden, maar de betrokken Mogendheden zullen voor de vernieuwing waar schijnlijk den uitersten termijn afwachten, ten einde er de wijzigingen in te kunnen brengen, welke door de tijdsomstandigheden worden ge boden. vakken voor advertentiën bestemd, zijn gevuld, niet alleen om de ondernemers te steunen, maar omdat men weet dat reclame vrucht draagt. Ook in dezen maakt Bolsward boven andere plaatsen weder een goed figuur. Zoo is dan door veler medewerking een genot volle winter in het verschiet, dank zij hen, die daarvoor de plannen maakten en uitvoerden, dank allen die dit finantiëel steunden. Het doet den ondernemers goed, het geeft hun moed telkens we der iets daar te stellen in het belang van velen. Hoewel er altijd nog enkelen overblijven, die nog niet op de lijsten inteekenden, zoo vertrouwen we dat ook zij, het uittreksel dat we uit het ge opende boek der toekomst geven, lezende, nog hunne belangstelling zullen toonen. Voor het Con cours van Rederijkers is daarvoor nog gelegenheid tot 20 September bij den heer G. A. Leverland en voor het lidmaatschap van de nieuwe LJsbaan bij den heer W. Propstra tot 1 November a.s. En hiermede sluiten we het boek en wachten kalm tot het gelezene werkelijkheid is geworden, den ondernemers, inteekenaars en onzen lezers toe- wenschende, dat zij van een en ander mogen en kunnen genieten. --- Wij hebben met dit opschrift niet het doel te trachten den sluier op te lichten, van wat de naaste toekomst zal zijn voor landen en volken, of welke gevolgen de werkstakingen zullen heb ben, noch of de prijzen der algemeene voedings middelen duurder zullen worden, dit alles is voor ons een gesloten boek. Onze bedoeling is een blik in de naaste toe komst te werpen, wat betreft het gewone en bui tengewone, dat er voor velen en voor allen in onze gemeente en omstreken te zien en te ge nieten zal zijn. Wij openen het nog gesloten boek, nieuwsgie rig wat wel de toekomst voor genot zal geven en zien daarin voor elk wat wils, niet alleen dat gene wat iederen winter plaats heeft, als Concerten, Nutsvergaderingen, Tooueelvoorstellingen, de ge zellige Boston-, Quadrille Schutjas- en Domineer-, Schaak- en Dampartijen die er in tal van uit- spanningsplaatsen zullen gehouden worden, maar buitendien twee Billardpartijen, die door omstan digheden in de afgeloopen kermis niet zijn gehou den en nu dezen winter zullen plaats hebben. Nog een blik in het geopende boek slaande, le zen wij van iets extra’s, in de eerste plaats, iets zoo al niet voor allen, toch voor velen belangrijk, genotvol en leerzaam. Wij lezen van een Con cours van Rederijkers, dat ons den aan staanden winter wacht. Eenige heeren namen daarvoor het initiatief. Zij verkregen toezegging van mededingende Kamers en finantieëlen steun van vele ingezetenen. We zien in de toekomst veel succes en prettige avonden, verhoogd door het als nieuw gerestaureerde decoratief. Wij zien bij ieder der zes te geven voorstellingen tal van vreemdelingen en we vertrouwen dat velen inge zetenen hun bezoek finantieel ten goede zal komen. Wij zien verder dat de volgende Kamers zul len optreden „Ten Kate” van Leeuwarden, Woensdag 22 October 1890. „Door Vriendschap bijeen gebracht” van Amsterdam, Donderdag 6 November 1890. Letterlievende Vereeniging „J, J. Cremer” van Haarlem, Zondag 30 November 1890. „West Frisia” van Hoorn, Zondag 28 Decem ber 1890. Tooneelvereeniging „Thalia” van Schiedam, Woensdag 14 Januari 1891. Tooneelvereeniging „De Genestet” van Utrecht, Donderdag 29 Januari 1891. Een volgend blad omslaande doet ons nog iets extra’s zien, iets van algemeen belang, voor ieder te genieten. Wij zien een naar de eischen des tijds nieuw aangelegde Ijsbaan., die we dan ken aan de energie van drie wakkere medebur gers, finantiëel gesteund door velen. Het terrein waarop de ijsbanen zijn daargesteld is een kavel land, ruim 10 pondemaat groot, er is een baan voor hardrijderijen, een voor volwas senen en een voor kinderen, alle van elkander gescheiden door palen en ijzerdraad; het geheel is omgeven door soliede dijken. Op eene gemaakte verhevenheid staat de tent voor ververschingen, waarin de kachel lustig brandt. Tal van vlaggen versieren de banen, die gevuld zijn met schaat senrijders. Het ijs is nog niet overal sterk, dus ieder gaat op de nieuwe baan rijden, ouders zen den bij voorkeur hunne kinderen daar heen, om dat ze weten, het is er veilig, bijna geen water toch is onder het ijs. Oppassers, die op hen toe zien en geen fooien of baancenten mogen aanne men, zijn aanwezig. Wij zien verder vele wan delaars, ook belangstellenden, die later in de ver warmde tent vertoeven, want bijna een ieder is lid geworden. De contributie is zeer laag, slechts één gulden per jaar, daarvoor heeft men vrij om op de baan te rijden, voor geringe som koopt men dames- en kinderkaarten voor den geheelen win ter, terwijl van vreemdelingen iederen dag en trée wordt gevorderd wij zien in weerwil daarvan tal van vreemden uit de omstreken, die verklaren gaarne de reis te voet of per tram te doen, om hier eens pleizierig schaatsen te rijden, en hunne komst is welkom. Geld van buiten komt er in de gemeente en is dus ten voordeele van velen, en als we nog verder lezen, dan vernemen we /plannen om, als de winter van eenigen duur is, behalve hardrijderijen, waarbij den leden een da- mestoegangskaart wordt verstrekt, zoo mogelijk nog avondfeesten, opgeluisterd door muziek, op de verlichte ijsbanen te organiseeren. Het is een verblijdend teeken van eensgezind heid in onze gemeente, welke dit alles mogelijk maakt. Bewoners van zelfs grootere plaatsen dan de onze verwonderen zich dan ook dikwijls over veel wat we hier kunnen doen, waarvan bij hen geen sprake zoude kunnen zijn, getuige onder meer de Bakkerij-Tentoonstelling in het vorige jaar. De eensgezindheid vloeit niet voort uit zucht naar genot, het is veeleer het bewustzijn, dat er wat gedaan moet worden om eigen voordeel, en dat van alle ingezetenen. Feesten waaraan vreem delingen deelnemen dat zijn de ware. De neringdoen den zorgen wel, dat hunne namen en de verschillen de artikelen, die zij te verkoopen hebben, onder de oogen van die vreemdelingen komen. Slaan we nogeens een blik in de toekomst, dan zien we op het drukste punt der stad, tegenover de waag een fraaie Annonceklok geplaatst (weder door een paar ingezetenen daargesteld)bijna alle Bolswardsche Courant

Kranten in de gemeente Sudwest-Fryslan

Bolswards Nieuwsblad nl | 1890 | | pagina 1