DE oudwokkumer r. w ’fl I ■11 ■Bh o spaarbank en alle bankzaken Lil g Velen maken reeds gebruik van de diensten van de Raiffeisenbank. Want de Raiffeisenbank is spaarbank en doet tevens alle andere bankzaken. 1 1 s r 231.000 Friezen komen er regelmatig. Dat wordt hen gemakkelijk gemaakt, want het huis heeft 231 vestigingen! DE RAIFFEISENBANK. I Sk Friese spaarders spaarden daar reeds meer dan 500 miljoen gulden. Geld, dat mede gebruikt wordt om Frieslands economie gezond te houden. I Dhs. D D I M -Advertentie o dat aan deze vakantie haar baas z'n bromde dus! het o g .A:-'-: F.W. s. e n Tijdens de luchtvaartshow Rusland werden vele nieuwe vechtsvliegtuigen getoond. in ge- koppels van en we met dank aan- krij- 1 1 e »- il it 3 t it e :e ij n i. s- i. ,t DIT IS EEN PUBLICATIE VAN DE GEZAMENLIJKE RAlFFEISENeANKEN/BOERENLEENBANKEN IN FRIESLAND •M is GGKI» fRIESUHB SIMT EEN HUIS we kunnen zeggen: ,dag meren.’ dag was even mooi, met Pipo hadden dag ielpolle! dag men- Workum! Ongelooflijk WWIIJB housing’. Dat wil zeggen die kun nen wonen waar ze maar willen. Er is ook hier veel gedaan voor de massa Negro. Hier in Chg. zijn ongeveer een millioen. ,De Slums’ de Ghetto’s zouden verdwijnen - als ze niet voortdurend gemaakt werden. De Amerikaanse neger heeft al tijd het recht gehad om voor Un cle Sam te vechten en te sterven. Zie: wereld oorlog 1 en 2 en nu Vietnam, waar velen beroeps-soi- daten zijn. Dat is heden een voor naam vak, en zo men zegt .eervol’. In de Amerikaanse Vrijheidsoor log (onder Generaal Washington) hadden de Engelsen grote moeite om de boeren en houthakkers hier in de .nieuwe wereld' moris te leren. Tenslotte moesten de Hes sen, (Düitse beroepssoldaten) er aan te pas komen. Velen vonden hier een rustplaats. Nu de schoen aan de andere voet zit, Mr Johnson heeft ook moeite met het Vader land te .verdedigen’ met z’n dienst plicht. Er zijn hele volksstammen die ’t nooit leren. Tot besluit nog enige regels Va derlandse geschiedenis, aangaande geboortedagen van beroemde Ame rikanen. Washington, Vader des. Vader lands 22 febr.; Lincoln, Bevrijder der gebondenen 12 febr.; Edison, Vader der kilowatts, 2 febr. En - m’n vrouw - gewoon huis-, tuin- en keukenprinses, 20 febr. Cihicaga A.L. (1) Het woord Negro’ is o.k. Ne ger gaat ook nog, maar als men ’t woord .Nigger’ gebruikt, beloop je de kans op een blauw oog of een gebroken neusbeen. oliemolen! sen! dag mooi! Jammer een ontijdig einde kwam. De mo bilisatie was er en ik moest grote haast maken om via Staveren-Ehk huizen in Rotterdam te komen. U zult op uw boottocht in augus tus, alles anders ervaren dan wij. Dat u een prachtige dag in het voor uitzicht hebt is zeker, ook al zou het weer niet mee zitten. Mijn vrouw en ik wensen alle deelnemers een genotvolle dag, ’n ongedwongen en aangename om gang onder elkaar. en aan het einde geen mobilisatie. H. DE VRIES Beukelsdijk 67B Rotterdam, april 1967. Het was in het jaar 1939 toen we met een motorboot gingen va ren op de meren in Friesland. Au torijden, dat ging wel, maar om ’n boot van negen meter lengte de baas te blijven? We kregen deze boot van iemand in Sneek die er niet bepaald wild r,p was mij de boot te verhuren. .Eerst een halve dag proefvaren, gaat dat goed, dan hebt u mijn toe stemming.’ Met mijn vrouw en zoontje van tien jaar en nog twee Friese meis jes die veel bij ons thuis kwamen reden we in de vroege morgen van Rotterdam naar Sneek waar onze tocht op het water begon. Om tien uur ’s morgens staken we van wal en hadden zonnig weer. Met de wind op zij en een niet te vaste hand aan het stuur, kwamen we zonder grote ongelukken aan, op de plaats dieik me voorgesteld had. In onze nabijheid lag een klein scheepje met één bewoner die zijn kost verdiende met paling- vissen. Hem vroeg ik of hij zin haa dé avond bij ons door te brengen. De volgende morgen vonden op de loopplank een schaal schoongemaakte paling, als voor de gezellige avond. Ja en toen ging het via Vliet en Klifrak naar Workum. Mijn vrouw had inmiddels de paling heerlijk ge stoofd en wij gingen met vijf man aan tafel. Ineens hoorden we: ,zijn er nog druiven nodig, heerlijke zoele gro te trossen druiven?’ Nu dat was wel wat. Bij het afrekenen: .Ver rek Hindrik bistou dat?’ En toen ik: ,Ja Olt en dit is mijn vrouw en dat üs jongkje en ae beiae farrikes twa ütfarihuzers dy ’t bei de noch frij binne.’ Maar Olt was alleen voor verkoop. Het wera even een leuke ontmoeting. Wat hebben we genoten, alles ,OAN T LEANTSJE’ Nee, nee niet de Lange Leane’ die ik bedoel 'in dit stukje, en daarin ’n rol zou spelen maar wel ’t leantsje, wat loopt vanaf het station Hindeloopen tot daar waar in de verte de forse IJsselmeerdijk zich verheft als een trouwe wach ter voor het land dat - lang reeds geleden - als een vruchtbare in poldering aan het Friese land werd toegevoegd. Maar - dat leantsje - geen enkele boom omzoomd, en de boslieflhebber ziet er geen enkel kenmerk van laanvorming. Is dit beeld van de zo kenmerkende nuchterheid, die een Fries, in den Haag wandelend,in een met vier rijen bomen beplante laan - deed uitroepen: ,It hie ek wol mei ien rig’le ta kinnen!’ Toch - hier is de schoonheid van het landschap geen zins geschaad, neen - schenkt mij door haar wijdheid en prachtige vergezichten een ongekende vreug de, als ik in stille aandacht, van wege het frisse voorjaarsweer, ge zeten in een stilstaande auto, de verrichtingen gadesla van mijn met gezel, die als een verwoed en hart stochtelijk eierzoeker, speurend de landen doorkruist. Méér nog ech ter wordt ik getroffen door het intense vogelleven op deze grote ver van het weggewoel, gelegen vlakte, waar de kieviten wel de meerderheid vormen. Met een bliksemsnelle wiekslag scheren ze over de groene vlakte, en buitelen alsmaar rond in hun poging de ei erzoeker te verwarren, waarin ze meen ik, gedeeltelijk ook nog sla gen, althans naar mijn beperkt in zicht en geheel ontbrekende erva ring; en lang, 'heel lang houdt dit schouwspel mij geboeid. Maar boeiender nog is het wijde uitzicht over het in heldere och tendgloren liggende land, en in ’n vrij gekozen variatie neurie ik .Friesland, mijn Friesland, ik vind je zo mooi.’ Vooral als ik mijn ogen richt op daar waar de oude stede Workum zich vertoont; waar ae stoere oude toren zich verheft, en het silhouet van de bijna evenhoge Gertrudiskerk ten hemel rijst, en met ver op de achtergrond de spit se R.K. kerktoren, als tweevoudig verkondigen - ,Zie omhoog, o, mens’ - en gedenk dan hoeveel goeds ge hier beneden moogt ont vangen Een stille dankbaar heid is in mij, nu ik mag ervaren ook daarin deel te hebben, en een intens verlangen vervult mij om straks weer, met onze ,oud-Worku- mers’, verwijlend in herinneringen te samen nieuwe vreugden te bele ven. UIT SNEEK In de Oud Workumer van april jl. vroeg de voorzitter of er geen leden waren die iets aardigs voor ons blad konden schrijven. Ja, dan worden het allemaal jeugherinne- ringen. Zo gaan mijn gedachten nog wel eens uit naar de ,Mar’, de Wor kumermeerpolder waar mijn vader vervener was en menig Workumer in ’t bagger seizoen zijn brood ver diende, ’t Was ’s avonds een hele stoet die met lege broodtrommel tjes huiswaarts keerden. Toen wij kinderen waren, ver veenden daar o.m. Anne Zwaan, (waar zouden zijn vier zonen zijn?) verder waren er mijn oom A de Jong; J Tigchelaar; Feenstra’s enz. In de vakanties gingen wij ’s morgens, met een broodtrommeltje mee ons er de gehele dag verma ken. Wij gingen in het «Greate en Lytse bosk’ braambessen plukken, bloemen plukken, want wat was er een prachtige flora. Margrieten, koekoeksbloemen, lieve vrouwen- bedstroo, wilde viooltjes, vergeet- mijnietjes, orchideën, wikke en», enz. Dan de loopsteën met turfho pen als grote boerderijen, waar schippers zelfs uit Wieringen kwa men laden. En Albert en Lieuwkje - als ze uil de stad terug kwamen - telkens een zakdoek vol meena men, gedachtig aah het spreek woord: ,in ’t veen mist men een turfje niet.’ En dan de weg door de meer zomers droog en stoffig dat de keel je er droog van were, in de herfst ging je bijna tot de knieën door de bagger. De meeste verveners hadden vaste baggermannen, een vast stel vader was Siebren Boersma Hendrik de Groot. Alles is nu in cultuur gebracht. Veehouders hebben er nu hun brood. Wilde flora, de bossen zijn verdwenen. Het aardgas doet nu overal rijn intrede, ’t Is alles goed zo, ik wou alleen maar even her inneren aan een oud Workumer be drijf. In de oudheidkamer boven de Waag bewaart men nog wat ge reedschappen en een paar ,mar- turven’ of .spoenturven’ zoals wij ze noemden. Er waren namelijk ook .lichte of steekturven’. Ja, beelden uit onze kinderjaren uit onze jeugd zo vrij en blij, trek ken dikwijls als een schaduw aan ons peinzend oog voorbij. Want voorbij is het. Met hartelijke groeten, FOKJE M. v/d ZEE ,ALLE MINSKEN BINNE BRUORREN’ OF .OPEN HOUSING’ Het was een vaste traditie dat 's morgens, de meid van de hoofd onderwijzer van de O.L. school - de Staatsskoalle onontbeerlijk bakje koffie kwam brengen. Op zaterdagmorgen ech ter had dit voor ons een bijzonde re betekenis. Zodra wij haar za gen komen werd het doodstil in de klas. Dan was het niet nodig dat meester met de stok op de bank stond te timmeren om de dacht van z’n leerlingen te gen. Iets wat lang niet altijd het geval was. Soms moest de .grijze beer’ de hulp inroepen van een of twee .brave’ jongens om bijv, het potige 12 jarige zoontje van sla ger B naar het turfhok te trans porteren. Odh, meester wel eens wat, maar hij meende het toch goed met ons'. Zaterdagmorgen dus! Meester zette als altijd de koffie op een der voorste banken en klom vervol gens boven op een bank. Na z’n koffie te hebben genoten en z’n baard afgeveegd, snuffelde hij wat in z’n papieren en dan was ogenblik aangebroken waarop wij in spanning zaten te wachten, nl. voorlezen. Deze zaterdagmorgen het slot van het verhaal .Edelman en Rood huid’. En ik geef u de verzeke ring dat wij een aandachtig ge hoor vormden. Of nu deze Edel man een Engelsman of een Frans man was ben ik vergeten. Het ver haal speelde zich af in Noord Ame rika, in de eerste jaren dat de .bleekgezichten’ daar voet aan wal hadden gezet. De Roodhuiden be stonden uit verschillende stammen die altijd met elkaar in oorlog wa ren. (Zoiets als met hun blanke broeders ook nu nog het geval is). Maar vandaag de dag echter zijn de Roodhuiden nog niet vergeten wat de blanken hun eenmaal aan gedaan hebben. Wat hun eergevoel edelmoedigheid, dapperheid en krijgshaftigheid betreft deden ze vooral niet onder bij hun .nieuwe vrienden’. Daarvan getuigt wel het feit dat generaal Custer met z’n manschappen tot de laatste man werden afgemaakt, (zie: Am. History. .Custers last stand’) Doch hoe het ook zij, Oom Sa muel staat nog altijd in de schuld bij alle Indianen. Evenals bij de Negro (1). Deze laatsten evenwel hebben door de eeuwen heen ge tracht zidh zelf te verheffen bo ven hun, oorspronkelijk, zeer la ge maatschappelijke positie. De Amerikaanse grondwet onder .The Bill of Rights’ geeft hun daartoe ook het recht. Wel heeft het lang geduurd voordat zij zich bewust werden dat er iets gedaan moest worden om tot hun recht te komen Vandaar overal deze opstand. .Open Housing’ bijv, is een gevolg van ,The Bill of Rights.’ Natuurlijk zijn er twee kanten aan leze medaille. Waar wij wo nen, kan tot nu toe, een Negro geen huis kopen of huren. De postdirecteur van het groot ste postwezen ter wereld (Chica go) is een Negro. De administrator van (Relief) steun is een Negro! Er zijn vele zwarte zwarte raads leden. (En nog meer blanke die zwart zijn). Voorts zijn er Dr’s- Lawyer’s - onderwijzers - enz. die s geen moeite hebben met ,Open 0 D<

Kranten in de gemeente Sudwest-Fryslan (Bolswards Nieuwsblad, Sneeker Nieuwsblad en Friso)

Friso nl | 1967 | | pagina 5